Blog : Media

Interview in podcast Pakhuis de Zwijger

Interview in podcast Pakhuis de Zwijger

Ter gelegenheid van zijn afscheid als hoofd Marketing & Communicatie bij Pakhuis de Zwijger werd Maurice Seleky geïnterviewd door Annick van Rinsum in de 67e aflevering van de podcastserie van Pakhuis de Zwijger. Deze podcastserie is in september 2018 gestart op initiatief van Maurice Seleky en werd van september 2018 tot maart 2020 ook door hem gepresenteerd. Samen met podcastredacteuren Emma van Veenen en Annick van Rinsum werden in die periode 66 afleveringen gemaakt. Luister het interview hier terug.

Interview met Cultuurmarketing

Interview met Cultuurmarketing

Maurice Seleky werd geïnterviewd over zijn aanstelling bij Pakhuis de Zwijger door Cultuurmarketing, het netwerk van marketing & communicatieprofessionals in de Nederlandse kunst- en cultuursector. Lees het hele interview hier terug.

Interview in Moesson

Interview in Moesson

Maurice Seleky werd geïnterviewd over zijn leven en werk in een speciale boekeneditie van Indisch Maandblad ‘Moesson’ naar aanleiding van zijn roman ‘Een tragedie in New York’.Moesson 2 Moesson 3 Moesson 4

Interview in Uitkrant Amsterdam

Interview in Uitkrant Amsterdam

Maurice Seleky werd uitgebreid geïnterviewd door Veerle Corstens voor ‘De Uitkrant’ naar aanleiding van het verschijnen van zijn nieuwe roman ‘Een tragedie in New York’.

Nieuwsbericht in Adformatie

Nieuwsbericht in Adformatie

Adformatie, het platform voor marketing, media, communicatie en creatie, kondigt de aanstelling aan van Maurice Seleky als hoofd Marketing & Communicatie van Pakhuis de Zwijger, het onafhankelijk platform voor creatie en innovatie in Amsterdam. Lees het bericht hier.

Maurice Seleky in VPRO Cinemo

Maurice Seleky in VPRO Cinemo

Maurice Seleky vertelde over de filmmonoloog van personage Patrick Bateman in de film ‘American Psycho’ voor het VPRO-filmprogramma ‘Cinemo’ van maker Sal Riani.

 

Interview met Lezen TV

Interview met Lezen TV

Jaap van Straalen van Lezen TV interviewde Maurice Seleky over zijn roman ‘Een tragedie in New York’. Dit interview verscheen ook op Parmando 24 Culture, een televisiezender die 24/7 cultuur brengt.

 

Proloog ‘Een tragedie in New York’

Proloog ‘Een tragedie in New York’

Ze zeggen dat de president de nacht niet haalt. Zijn bewustzijn is hij al uren geleden verloren – hoewel sommige van zijn critici betogen dat hij al jaren zijn verstand kwijt is. De vicepresident en het kabinet zouden zich al op het ergste voorbereiden en zijn non-stop in vergadering geweest sinds de aanslag. In New York is de noodtoestand afgekondigd. Tanks en pantservoertuigen hebben de straten rondom Trump Tower afgezet. Helikopters cirkelen als stalen kraaien boven de stad. De National Security Advisor heeft in een persconferentie bezworen dat de veiligheidsdiensten alles in het werk stellen om de daders snel te pakken. Op de vraag van cnn of er al verdachte personen, organisaties of mogendheden konden worden aangemerkt, wilde hij geen antwoord geven.

Donald J. Trump heeft tot aan zijn presidentschap duizenden vijanden gemaakt en dat aantal is exponentieel toegenomen sinds hij president van de Verenigde Staten is geworden. De aanslag kan evengoed het werk zijn van is als van een binnenlands conglomeraat van bezorgde burgers of een lone wolf. Het kan mij eigenlijk niet zoveel schelen – ik denk vooral terug aan de avond van zijn inauguratie en het jaar dat daaraan voorafging.

Terwijl voor de wereld alles in beweging kwam – de miljoenen mensen die het Westen probeerden te bereiken op de vlucht voor oorlog, de Britten die zich met een pennenstreek losmaakten van de rest van Europa, mijn eigen landgenoten die een politieke aardverschuiving veroorzaakten op basis van een diepgeworteld verlangen naar het verleden – kwam ook voor mij alles in beweging. Ik was al langer in transitie, maar ik wist niet waar ik me naartoe bewoog. In dat jaar smolt en schoof, kantelde en kolkte alles.

Ja, het was het jaar van fake news , het jaar van alternative facts en het jaar van post-truth. Maar het was ook het jaar van mijn ouders, het jaar van Leonard en het jaar van mij.


– Uit ‘Een tragedie in New York’ (Ambo-Anthos uitgevers, 2017)

Gastcolumn voor ELLE

Gastcolumn voor ELLE

Twee jaar lang dook ze op in mijn Facebookstream. Vaak was ze in een buitenland, op een exotische plek in Afrika, Amerika of Azië. Ze was nooit alleen. Altijd was er een man in de buurt, meestal was het dezelfde knappe jongen die in vrijwel alle opzichten verschilde van mij.
Sinds onze woeste nacht samen verviel ik in oude patronen. Ik leidde het leven van een man alleen in de stad – naast mijn werk verdiepte ik me letterlijk in de vrouw. Niet in één vrouw, maar in alle vrouwen die me wilden hebben. De vrouwen van twintig (studentes met glanzende ogen en vroegwijze levensinzichten), de vrouwen van dertig (harde werkers met dromen over baby’s en nakende huwelijken) en de vrouwen van veertig (gescheiden parels met ontloken seksdrive en scherpe humor).
Toch was ik die ene, de vrouw met die goudblonde lokken, dat meisje van die nacht, niet vergeten. Hoe kon ik ook? Ze was een mysterie dat maar door mijn hoofd bleef spoken.
Het enige spoor dat ze na ons wilde avontuur achterliet, was digitaal. Ja, ze leefde, maar alleen op social media. In de stad, met al haar cafés en clubs die ik zo vaak doorkruistte, kwam ik haar nooit tegen.
Zij moest mij wel zijn vergeten, want die knappe jongen stond naast haar op bijna al haar foto’s. Hun liefde en geluk spatte van Facebook af. De knappe jongen staarde me met zijn brede kaaklijn en koningsblauwe ogen triomfantelijk aan vanaf mijn eigen telefoon, omdat ik het natuurlijk niet kon laten om zijn profiel te bekijken. En te vergelijken. Hij was mooier, stoerder en waarschijnlijk ook nog liever dan ik. De enige logische uitkomst – dat zij met hem was en niet met mij.
Maar zelfs Facebookfoto’s vergelen, althans in de herinnering. Want er ging een tijd voorbij, zonder dat ik aan haar dacht. Totdat ik op een veel te warme oktoberdag naar het station fietste, in bloedhaast omdat ik een trein moest halen. Zij fietste me in tegenovergestelde richting tegemoet. Ik probeerde haar blik te vangen, maar ze zag me niet en ik durfde haar niet te groeten.
In de trein opende ik voor het eerst sinds lange tijd weer haar Facebookprofiel, het wederzien van een oude vlam. Maar er ontbrak iets. Alle foto’s van de jongen, die zo veel mooier, stoerder en liever was dan ik, waren verdwenen. Als dit al iets zei, dan was het dat ze eindelijk, twee jaar na onze onstuimige ontmoeting, vrij was.
‘Hé, ik zag je vandaag fietsen op straat, kon je niet groeten vanwege grote haast, maar moest wel aan je denken. Hoe gaat het eigenlijk met je?’ schreef ik in een privébericht naar haar op Facebook. Ik had geprobeerd het luchtig te houden, maar feitelijk gezien was ik in heftige paniek.
Hoe zou ze op dit plotselinge teken van leven van mij reageren? Zou ze denken dat ik een stalker was die haar twee jaar lang vanaf Facebook had bespioneerd? Wachtend tot het eindelijk gedaan was met haar relatie? Zou ze denken dat ik een stakker was die zich masturberend op haar profielfoto’s door de laatste twee jaar had gesleept? Of zou ze dan toch een romanticus in mij vermoeden die zijn hart nu eenmaal aan een enkeling verpandt?
O Facebook, blauw monster uit Californië, waarom heb jij deze vlam zo wakend gehouden?
De volgende dag had ik bericht terug.

Maurice Seleky werd door de ELLE gevraagd om een gastcolumn te schrijven over de liefde. Deze column werd in augustus 2017 gepubliceerd in het zomernummer van het tijdschrift. Fotografie door Nicky Onderwater.